Deel II, Hoofdstuk 6

 

HET BELEG VAN DE VESTING ANTWERPEN
van 26 september 1914 tot 8 oktober 1914

 

De gebeurtenissen van 12 en 13 september 1914 hebben aangetoond dat de vijand aanzienlijke versterkingen heeft aangevoerd en een offensieve actie tegen de vesting ANTWERPEN (PFA) plant. Alle in België aanwezige Duitse troepen lijken op te rukken naar ANTWERPEN. Zij worden vergezeld door artillerie van zeer zwaar kaliber. Op 19 september 1914 wordt hun getalsterkte geschat op 140.000 manschappen; het Belgisch Leger beschikt op dat ogenblik slechts over 60.000 man. Op een effectieve steun van de westerse bondgenoten kan nog niet gerekend worden.

De Koning, Opperbevelhebber van het Leger, ziet dan ook af van een derde uitval, zoals die door het Franse opperbevel wordt gevraagd. Hij beveelt onze eenheden zich defensief op te stellen om aan het beleg van de PFA het hoofd te kunnen bieden.

Vanaf 26 september 1914 zetten de Duitse troepen de aanval in. Op 27 september 1914 duwen zij de vooruitgeschoven elementen achteruit en op 28 september 1914 begint het bombardement op de forten van de derde sector tussen MECHELEN en LIER.
Op 30 september 1914 vraagt ZM de Koning dringend hulp aan de Franse en Britse regeringen. Zij worden verzocht, op hun beurt, de vijand aan te trekken om aldus de druk op ANTWERPEN te verminderen. Geleidelijk aan, maar te laat voor ANTWERPEN, zullen Franse en Britse eenheden oprukken naar het noordelijk front.

De 2de LD, die reserve is voor derde en vierde sector, krijgt op 27 september 1914 om 21u15 de opdracht om de derde sector te helpen verdedigen, samen met de daar reeds aanwezige eenheden. De 2de LD stelt zich op tussen het fort van SINT-KATELIJNE_WAVER en het fort van KONINGSHOOIKT. Rechts sluit de 1steLD aan op het fort van WALEM; links de 5de LD op het fort van LIER.

Ook nu zullen wij de operaties van de Artilleriegroepen van de 2de LD, afzonderlijk en dag na dag, chronologisch beschrijven.

OPERATIES VAN DE ARTILLERIEGROEP 5de GemBde (A/5)

27 september 1914
De rechterflank van de 1steLD trekt zich terug onder druk van de vijand en moet op het einde van de dag de stad MECHELEN prijsgeven. Hierdoor gaan een aantal waarnemingsposten van de artillerie verloren. De 5de GemBde krijgt de opdracht zich in te graven ten zuiden van de stad; A/5 komt vooruit tot WALEM.

28 september 1914
De 5de GemBde rukt op naar de stad MECHELEN. Maj KESTENS, Comd A/5, vergezelt de spits van de voorhoede teneinde een stelling voor zijn groep te verkennen. Maar vijandelijke geweer- en mitrailleurvuur belet elke verkenning.
Om 11u45 besluit hij stelling te nemen ten noorden van de stad, achter de VROUWENVLIET, nabij het fort van WALEM. De groep opent onmiddellijk het vuur op het oefenplein van MECHELEN en op de artilleriekazerne aldaar.
Het duurt dan ook niet lang of de groep wordt heftig beschoten door middelzware artillerie. Tegelijkertijd wordt ook het fort van WALEM, achter hen, systematisch gebombardeerd.  Het fort beantwoordt het vuur, schot per schot. De groep A/5, die opgesteld staat in het ontruimde schootsveld voor het fort, moet weldra gaan schuilen. Terugtrekken is echter slechts mogelijk bij nacht, daar elke beweging op de stelling onmiddellijk wordt opgemerkt van de Sint Romboutstoren in MECHELEN.
Vanaf 18u00 worden de voortreinen bijgehaald en begint de terugtocht, zonder zware verliezen. Vijandelijk schrapnelvuur achtervolgt de groep tot WALEM. De groep gaat kantonneren in DUFFEL.

29 september 1914
Om 07u30 krijgt A/5 het bevel stelling te nemen in de hoek gevormd door de wegen van MECHELEN naar DUFFEL en van DUFFEL naar SINT-KATELIJNE-WAVER. De forten van DUFFEL en SINT-KATELIJNE-WAVER, in deze sector gelegen, worden echter zwaar beschoten. Weldra komt dan ook het bevel tot terugtrekken. A/5 blijft staan, in colonne, op het kruispunt van de wegen naar LIER en naar het gehucht MIJLSTRAAT.

30 september 1914
Om 08u00 neemt A/5 stelling ter hoogte van de kerk van MIJLSTRAAT. De 5de GemBde moet de ondersector “ Fort van KONINGSHOOIKT – Schans van TALLAERT” verdedigen. Het fort zelf wordt zwaar beschoten door vijandelijk 420mm geschut. De flank van het fort wordt vernield en de 21ste Batterij wordt aangeduid om deze flank te gaan beschermen. Maar een verkenning op het terrein wijst uit dat de omgeving van het fort dermate is omgewoeld, dat men geen vier stukken kan opstellen. Uiteindelijk blijft de batterij, met haar groep, op de huidige stelling staan.

1 oktober 1914
De batterijen staan werkeloos op hun stellingen. Er loopt die dag geen enkele vuuraanvraag binnen en dat op een ogenblik dat de druk van de vijand steeds groter wordt.

2 oktober 1914.
Om 00u30 moet de groep zich plots vuurklaar houden voor een vijandelijke aanval, maar er gebeurt helemaal niets. Om 03.00u komt het bevel tot terugtrekken op LIER. In de loop van de dag wordt nog meermaals van stelling veranderd, maar slechts weinig gevuurd. Tegen 18u00 installeert de groep zich in PULLAAR en bivakkeert er ter plaatse.
Op deze zelfde dag wordt besloten een Artilleriegroepering (AieGpg) te vormen met de Artilleriegroepen van de 5de en 6de GemBde en II/2A Het bevel over deze AieGpg wordt gevoerd door Maj KESTENS. Aan het commando van A/5 wordt hij vervangen door Cdt COMIJN. Deze AieGpg wordt ter beschikking gesteld van de 5de LD voor de verdediging van de NETHE.

4 oktober 1914 – De verdediging van de Nethe
De AieGpg KESTENS krijgt de noordelijke sector toegewezen. Zij komt onder het operationeel commando van de Britse Brigadegeneraal PARYSH, die met zijn brigade en het 7deLi deze sector verdedigt. Maj KESTENS krijgt stellingen aangeduid in het achtergebied van de sector; hij moet ook een aantal wisselstellingen voorzien.
In de nacht van 4 op 5 oktober 1914 komen ook nog de artilleriegroepen van de 1ste; 7de en 20ste GemBde en twee batterijen houwitsers 105mm onder zijn bevel. Maj KESTENS beschikt nu wel over een grote concentratie artillerie, maar helaas met een te gering kaliber.

5 oktober 1914
Om 10U30 wijken de voorposten aan de oevers van de NETHE, ten zuiden van LIER. De artillerie krijgt de opdracht de Duitse troepen, die de rivier oversteken, te beschieten. Heel wat spervuren worden gelegd. Maar de Brigade PARYSH op de rechtervleugel moet zich terugtrekken en II/2A moet mee achteruit. A/5 heeft minder geluk: het kan zich niet vrijmaken en moet zijn stukken en munitiewagens achterlaten op de stelling.
Om 15u00 besluit BdeGen PARYSH een tegenaanval uit te voeren. Maj KESTENS stuurt ook II/2A terug naar voor, teneinde de oevers van de NETHE te kunnen beschieten.

6 oktober 1914
Tijdens de nacht probeert Cdt COMIJN vruchteloos de achtergelaten stukken en munitiewagens van A/5 terug te halen. Ook de tegenaanval van de Britten mislukt en de verdedigingslijn wordt teruggebracht op de lijn VREMDE – EGGERSEEL. De AieGpg KESTENS wordt ontbonden en de groepen keren terug naar hun oorspronkelijke brigades. De echelons van A/5 kantonneren in KIEL.

OPERATIES VAN DE ARTILLERIEGROEP 6deGemBde (A/6)

28 september 1914
De Artilleriegroep A/6 neemt stelling ten zuiden van HOOGSTRAAT met een waakrichting op de kerktoren van SINT-KATELIJNE-WAVER. Nog diezelfde nacht wordt de Groep terug naar achter gebracht in de richting van DUFFEL.

29 september 1914
Om 15u00 trekt de Groep terug naar voor om de vorige stelling opnieuw in te nemen. De vijandelijke infanterie en artillerie recupereert echter de groep naarmate zij zich op de steenweg verplaatst. De 23ste en 24ste Batterij slagen er niet in om op te rukken, onder een regen van projectielen. De 22ste Batterij neemt stelling dwars door de velden. De Groep slaagt er uiteindelijk toch in haar stelling te bereiken, net op het ogenblik dat ook de Groep II/2A daar aankomt, onder bevel van Maj PONTUS.

30 september 1914
De groepen lossen verscheidene salvo’s op vijandelijke infanterie in SINT-KATELIJNE-WAVER. A/6 neemt ook de vijandelijke artillerie in BERKMOLEN onder vuur. De Duitsers trekken zich terug nadat hun waarnemingspost in de kerktoren van SINT-KATELIJNE-WAVER in brand is geschoten. De artilleriegroepen bivakkeren op hun stellingen.

1 oktober 1914
Om 13u10 opent A/6 het vuur op vijandelijke artillerie ten noordoosten van SINT-KATELIJNE-WAVER. Even later komt ook nog het bevel te vuren vanaf 2.200 meter op artillerie die zich in de MULSHOEK bevindt. Op haar beurt bestookt II/2A de weg tussen LELLEKENSSTRAAT en het “Gasthuishof"
Vijandelijke artillerie bevindt zich op verschillende plaatsen voor onze lijnen op afstanden die schommelen van 2.000 tot 2.500 meter. Talrijke doelen worden door onze kanonniers bestookt. Maar, terwijl om 19u00 een ware granaatregen over de stellingen valt, geraakt de munitievoorraad op en de bevoorraders kunnen de stellingen niet meer bereiken.
A/6 kan zich slechts met moeite terugtrekken en dat pas nadat lagen stro over de weg zijn gelegd, om elk geluid te dempen. Om 20u00 betrekt de groep een nieuwe stelling in DONK, ten noordwesten van LIER.

2 en 3 oktober 1914
De groep blijft op haar stelling in DONK.

4 oktober 1914
Een zondag! Tegen de avond worden de echelons van A/6 beschoten en lijden zware verliezen. Er zijn twee doden en zes gekwetsten, daarbij zijn ook nog twaalf paarden buiten gevecht gesteld. De groep verlaat DONK en bivakkeert in VREMDE.

5 oktober 1914
A/6 neemt een schootstelling in ten zuiden van BOECHOUT. Om 13u00 komt het bevel van de 5de LD om een wisselstelling te bezetten ten westen van LIER, teneinde deze stad te verdedigen. A/6 zal stelling nemen ten zuiden van de hoeve “ Het Schranske”

6 oktober 1914
De groep krijgt een sector toegewezen, gelegen tussen de steenbakkerij en het kasteel van LAACHENEN. ’s Avonds trekt de groep naar HOVE, maar wordt onmiddellijk teruggestuurd om de opvangstelling van de 5de GemBde te helpen verdedigen. De groep neemt stelling halfweg tussen HOVE en BOECHOUT.
Om 03u00 komt er een nieuw bevel: A/6 moet II/2A volgen naar ANTWERPEN. Onderweg komt het bevel stelling te nemen nabij het “ Papegaaienkasteel” om de sector tussen WOMMELGEM en FORT I te kunnen bestoken. De groep wordt evenwel langs achter en in de flank hevig onder vuur genomen.

7 oktober 1914
De groep bevindt zich in een erg kritieke toestand, die meermaals aan de brigadecommandant wordt gemeld. Het enige order dat ontvangen wordt, luidt:
“ Volhouden tot het uiterste!”

8 oktober 1914
Om 16u00 krijgt de groep het bevel onmiddellijk langs de “LEOPOLDSP0ORT” naar de pontonbrug aan het “Steen” te gaan. Als ze daar aankomt, krijgt ze een nieuw bevel:
“ Onmiddellijk terugkeren naar de vorige stelling!”
Als ze terug aan de LEOPOLDSPOORT aankomt, ontvangt zij het tegenbevel:
“ Schelde oversteken over de brug aan het Steen!”
Om 20u00 is de rivier overschreden en begint voor de vermoeide artilleristen de grote terugtocht door Vlaanderen.

OPERATIES VAN DE ARTILLERIEGROEP 7de GemBde EN VAN I/2A

28 september 1914
Het 9de Li, dat de wacht verzekert tussen de forten van SINT-KATELIJNE-WAVER en KONINGSHOOIKT, meldt dat de vijand PASBRUG heeft bezet. De Brigadecommandant stuurt het 27ste Li met A/7 naar het zuiden, maar zij worden als het ware aan de grond genageld door goed gericht vijandelijk vuur. De infanterie geraakt niet voorbij het fort “ LINDEHOEVE-LOMBAERTSHOEVE”. A/7 opent het vuur op PASBRUG en op het kasteel “ Dijkstein”
Om 13u00 krijgt Comd 7de Li het bevel een bataljon naar het “ Gasthuishof” te sturen om er de flank te dekken van de troepen die oprukken naar MECHELEN. ( zie Ops 5de GemBde – NVDR). De artillerie opent het vuur op de beboste heuvels van WITTEWANTSHOEVE.
Om 14u05 meldt de Brigadecommandant aan Comd A/7:
“ Vijandelijke infanterie bezet heuvel 10 op 1.200 meter zuid - zuidwest van SINT KATELIJNE WAVER. Vijandelijke artillerie is opgesteld tussen PUTTE en PEULIS. Open het vuur op heuvel 10 en op het terrein  ten zuiden van de weg van Heist-op-den-Berg naar Mechelen. Uw vuren op het HEIKEN hadden een gunstige uitwerking. Blijf er op vuren evenals op PASBRUG.”
Tussen 16u00 en 17u00 worden de stellingen van I/7de Li, het dorp en et fort van SINT-KATELIJNE-WAVER hevig gebombardeerd. Om 18u00 beschiet de vijand het goed “ Hagelsteen” en “Slaap-in-het-strooi”, maar toch behouden de eenheden van de 7de GemBde hun posities. Zij krijgen zelfs het bevel deze nog te versterken. A/7 bivakkeert in de buurt van SINT-KATELIJNE-WAVER.

29 september 1914
De Groep A/7 krijgt het bevel te vuren op PASBRUG, HEIKEN en heuvel 10. Een batterij neemt zelfs een “Drachen” ( benaming voor Duits vliegtuig – NVDR) onder vuur, dat snel landt.
Vanaf 05u00 wordt het fort van SINT-KATELIJNE-WAVER opnieuw gebombardeerd. Alle zeven minuten ontploft er een 420mm-granaat op de vesting, die in de loop van de dag in de lucht vliegt, als haar kruitmagazijn een voltreffer krijgt.
Om 06u30 worden onze voorposten langdurig onder vuur genomen en moeten zij terrein prijsgeven. A/6 en II/2A, die zich op een stelling nabij HOOGSTRAAT bevinden, worden eveneens door de vijandelijke artillerie bestookt en moeten hun posities ontruimen ( zie Ops artilleriegroep 6de GemBde hiervoor – NVDR)
Onder druk van de vijand trekt de 7de GemBde zich terug tot BERGHOEF ten oosten van DUFFEL.. A/7 blijft op stelling om de aftocht te dekken. Haar commandant, Maj AVORT, krijgt het bevel zich in verbinding te stellen met Comd 2A om de artilleriesteun van de binnenste weerstandslijn te coördineren.

30 september 1914
De 1ste LD heeft haar stellingen ten zuiden van de NETHE prijsgegeven. Hierdoor komt de rechterflank van de 2de LD in gevaar. Deze divisie mag echter slechts terugtrekken op het bevel van de commandant van PFA. A/7 staat op stelling ten noorden van NAALDSTRAAT en vuurt meermaals op de vijandelijke infanterie ten zuiden van SINT-KATELIJNE-WAVER. Zij bivakkeert op haar stelling.

1 oktober 1914
Een stuk van de 26ste Batterij, onder bevel van Olt LAURENCIN en één van de 27ste Batterij, onder bevel van 1Lt RENARD, worden  naar de KEMPENARESTRAAT gestuurd om er de uitgevallen buitenposten van het fort van SINT-KATELIJNE-WAVER te vervangen. Hun opdracht zal evenwel van korte duur zijn. Om 16u30 nemen de Duitsers de puinen van het fort in; de beide stukken zullen nog enkele tijd op hen blijven vuren. Tijdens de nacht trekt de artillerie zich terug ten noorden van de NETHE. A/7 komt onder het bevel van Comd 2A!

2 oktober 1914
Er wordt een grootscheepse tegenaanval gepland. Een artilleriegroep zal op de zuidelijke oever van de NETHE stelling nemen om de acties van de infanterie, geleverd door de 6de GemBde, te steunen. I/2A wordt voor deze opdracht aangeduid en neemt om 09u20 stelling ten zuiden van BERGHOEF.
De tegenaanval mislukt evenwel en onze troepen vluchten naar het noorden. Daarop wordt besloten alle eenheden op te stellen op de noordelijke oever en slechts twee bruggenhoofden te behouden, één rond DUFFEL en één rond de militaire brug van ANDERSTAD. Deze bruggenhooofden moeten tot het uiterste verdedigd worden; een groot aantal artilleriestukken worden als steun ingezet. ( zie de vorming van de AieGpg KESTENS hiervoor – NVDR)
Vanaf 15u30 krijgt de 2de LD het bevel de bruggenhofden te ontruimen en alle overgangen over de NETHE grondig te vernietigen. De verdediging van de rivier wordt vanaf LIER tot aan de spoorweg in DUFFEL overgenomen door de 5de LD. Maar … terwijl de infanterie van de 2de LD mag gaan rusten, moet de artillerie op post blijven, nu onder het bevel van de 5de LD.

3 oktober 1914
De 25ste Batterij van A/7 staat opgesteld achter DUFFEL. Tot tweemaal krijgt zij het bevel één stuk naar voor te sturen om, op aanwijzing van de infanterie, vijandelijke weerstandsnesten te vernietigen met rechtstreeks vuur.
De eerste opdracht bestaat er in de brug van DUFFEL, waarvan de vernietiging niet is voltooid, uit te schakelen. Vanaf 150 meter afstand voert OLt DEBRY met zijn mannen deze opdracht uit.
Een tweede maal meldt dezelfde officier zich met zijn ploeg om een aantal huizen, waarin vijandelijke mitrailleurs zijn opgesteld, te vernietigen. Vanaf 200 meter en in volle dag vernietigt de stuksploeg één huis en schiet een ander in brand.
Telkens is deze officier, met zijn volledig personeel en materieel, gezond en wel teruggekeerd in de eigen stellingen en dit ondanks het hevige vuur van de vijand. Voor dit meesterstukje wordt Olt DEBRY vermeld op de legerdagorders. Een zelfde eer valt trouwens ook de aalmoezenier van A/6, EH DEREY, te beurt. Deze geestelijke heeft in de loop van de dag heel wat daden van moed en zelfopoffering gesteld door de gekwetsten in DUFFEL te verzorgen onder het moordend vuur van de vijand.
Om 20u00 stuurt LtKol LEROY, Comd van de AieGpg ZUID ( I/2A en A/7) de volgende nota naar de Comd 5de LD:
“ Ik heb de eer U de staat van uiterste vermoeidheid te melden waaronder het personeel onder mijn bevel lijdt. Deze groepen hebben de voorbije week deelgenomen aan alle acties van de 2de LD. Sinds zes dagen en nachten zijn zij voortdurend in gevecht geweest of hebben langs de wegen gekampeerd.
Nachtelijke bombardementen hebben hen niet enkel verliezen aan personeel en paarden gekost, maar hen ook tot verre verplaatsingen genoopt. Ik meen te weten dat de infanterie van de 2de LD op rust is….”

Reeds om 20u30 komt het antwoord van Comd 5de LD, generaal GYETTE:
I/2A en A/7 zijn in contact met de vijand en zij kunnen dus slechts bivakkeren. Op het ogenblik dat alle middelen moeten worden aangewend om ANTWERPEN te redden, kunnen overwegingen over rust niet primeren.
Ik weet dat de soldaten lijden, maar ik reken op hun chefs om hen er toe aan te zetten in hun vermoeidheid tot het uiterste vol te houden.”
Om 22u15 vallen de Duitse troepen het gebied tussen de twee NETHEN aan…

4 oktober 1914
Eén van de stukken van de 27ste Batterij is vernietigd. De 5de GemBde wordt ingeschakeld om de ondergelopen gebieden langs de NETHE in de sector EMBLEM te helpen verdedigen. A/5 komt opnieuw onder het bevel van haar brigade.

5 oktober 1914
Er bestaat geen enkel document over deze dag. We mogen aannemen dat de toestand ongeveer stabiel is gebleven.

6 oktober 1914
A/7 staat nu ter beschikking van de 6de GemBde en neemt stelling achter de spoorweg naar LIER. I/2A, onder rechtstreeks bevel van Comd 2de LD, is divisiereserve nabij LINT. In de voormiddag wordt een opvangstelling bezet tussen HOVE en LINT. Om 18u00 trekken alle eenheden van de 2de LD zich terug achter deze lijn. A/7 bivakkeert in BOECHOUT.

7 oktober 1914.
De 2de LD bezet nu de tweede verdedigingslijn van de vesting ANTWERPEN.. De troepen staan opgesteld als volgt:

  1. vanaf de SCHELDE tot FORT II: de Engelse Brigade Marinefuseliers;
  2. vanaf FORT II tot aan de vestingswallen: de 6de GemBde.

De algemene reserve bestaat uit:

  1. de 5de GemBde en 2A in KIEL
  2. de 7de GemBde in DEURNE.

8 oktober 1914
Om middernacht begint het bombardement op ANTWERPEN. FORT I, dat zwaar aangevallen wordt, dreigt onder de voet te worden gelopen door de Duitsers. Het GHK vreest een aanval op de stad langs SILSBURG of DEURNE.
Om 03u15 wordt de 7de GemBde ter versterking naar het “SCHIJN” gestuurd, waar de 6de GemBde dreigt overrompeld te worden. Om 08u50 wordt de laatste reserve ingezet nabij het “Loodswezen”. Om 13u45 komt het bevel tot het uiterste weerstand te bieden, maar weldra is de grens van deze weerstand bereikt. Tussen 18u00 en 19u00 komt het bevel voor de algemene terugtocht.

De eenheden van de 2de LD trekken zich terug op de linkeroever van de SCHELDE in de richting van ZWIJNDRECHT, BEVEREN-WAAS en VRASENE. De troepen van de 7de GemBde steken in de nacht van 8 op 9 oktober 1914 de SCHELDE over en beginnen op hun beurt aan de grote terugtocht.

Naar Hoofdstuk 7